Tijdje niet geblogd, gaan we weer doen, te starten met deze paasblog.
De afgelopen jaren heb ik meerdere organisaties (ICT, projectontwikkeling, ticketing, events, overheid, onderwijs, etc) klein, groter, groot van binnen, buiten, dichtbij en veraf gezien. Het blijkt telkens dat zij met een gemeenschappelijke uitdaging kampen, zo niet worstelen. Deze uitdaging lijkt samengevat te gaan over de vraag:
Hoe kan onze organisatie het best aansluiten bij een steeds sneller veranderende wereld?
Ik zou graag de vraag ander stellen:
Hoe kan onze organisatie het beste waarde creëren met en voor een steeds sneller veranderende wereld?
Organisaties zijn min of meer gewend te veranderen. Het zij van migratie naar migratie en van reorganisatie naar reorganisatie. Dat levert allerlei boeken op met tot de verbeelding sprekende titels als: “Bij welke reorganisatie werk jij?”
Vooropgesteld: Organisaties bestaan niet, slechts in de hoofden (en soms in de harten) van mensen. Het is als de mierenkolonie een onzichtbare collectieve set aan drijfveren die de dieren doen samenwerken.
Nu blijkt toch keer op keer het geval: Na een migratie of reorganisatie blijkt de wereld weer dusdanig te zijn veranderd, dat de implementatie, zorgt voor een berg aan problemen en risico’s, waardoor het volgende migratie / reorganisatie traject vaak alweer kan worden gestart. Maar natuurlijk niet voordat een prestigieus / pretentieus organisatie adviesbureau de boel weer heeft doorgelicht volgens een blackbox aan verzamelde (semi)wetenschappelijke methodes die zich vaak weinig aantrekken van de realiteit. De focus ligt op: wat gaan we aan de huidige situatie veranderen, in plaats van: wat is de situatie die het best past bij onze visie, koers, de behoeftes van de klant en de veranderende wereld cq context. Men bouwt dus voort op problemen. Alles wat je aandacht geeft, dat groeit.
Ik moet dan wel ‘ns denken aan deze exemplarische Blackadder scene:
GENERAL: Now, Field Marshal Hague has formulated a brilliant new tactical plan to ensure final victory in the field.
CAPTAIN BLACKADDER: Ah, would this brilliant plan involve us climbing out of our trenches and walking very slowly towards the enemy, sir?
CAPTAIN DARLING: How could you possibly know that Blackadder, it’s classified information?!
CAPTAIN BLACKADDER: It’s the same plan that we used last time, and the seventeen times before that.
GENERAL: Ex… ex… ex… actly! And that is what is so brilliant about it! It will catch the watchful Hun totally off guard. Doing precisely what we’ve done eighteen times before is exactly the last thing they’ll expect us to do this time!
There is, however, one small problem….
CAPTAIN BLACKADDER: That everyone always gets slaughtered in the first ten seconds?
GENERAL: That’s right. And Field Marshal Hague is worried that this may be depressing the men a tad. So, he’s looking to find a way to cheer them up.
CAPTAIN BLACKADDER: Well, his resignation and suicide would seem the obvious.
Waar het nou allemaal precies aan ligt zal ik nu geen woorden aan vuil maken, ik kijk graag vooruit. Wat het oplevert is me wel duidelijk geworden: Onzekere risicomijdende organisaties met een gebrek aan zelfvertrouwen en daarmee aantrekkingskracht, met als voornaamste gevolg een relatief lage executieve output. Bureaucratie stijgt en creativiteit daalt. Zo’n sfeer draait ondernemerschap de nek om. Kortom: Iets gedaan krijgen kost steeds meer energie en geld, met steeds minder resultaat en lager rendement. Logischerwijs heeft dit een dramatisch negatief effect op de motivatie van de collega’s. Een vicieuze cirkel.
Wat me echter wel opvalt is dat deze organisaties zich in steeds hogere mate bewust zijn van het bovenstaande, in alle lagen en onderdelen van de organisatie.
Ok, what’s next? Want, als de organisatie zich toch min of meer bewust is van het probleem, waarom is er dan nog geen oplossing? Mijn ervaring leert op dat vrijwel alle organisaties de oplossingen in hun eigen marge blijven zoeken, van binnen naar buiten, met verouderde methoden, (management)principes en systemen. Ik heb daar jaren lang, ook als ik direct betrokken was, met grote verwondering naar gekeken.
Einstein zei het al: “No problem can be solved from the same level of consciousness that created it.”
Organisaties hebben behoeftes, net als mensen. Organisaties veranderen al naar gelang hun behoeften. Een manier om die behoeftes te ordenen is in 1943 gepubliceerd door Abraham Maslow, de u welbekende piramide van Maslow. Dat ziet er voor organisaties, door mij vrij vertaald, zo uit:
Een toelichting op het woord valorisatie. Het kan worden omschreven als het proces van verspreiding en benutting van de resultaten van projecten, met het oog op het optimaliseren van hun waarde en het versterken van hun impact. Daarbij gaat het er om resultaten over te dragen en te integreren op een duurzame manier, voor actief gebruik in de maatschappij.
Daarmee is het resultaat van een project dus geen doel op zich, maar een middel. De projectresultaten zijn geen oplevering, maar de start van het potentieel daarvan, voor anderen. Dus de resultaten van de exploitatie worden op zichzelf exploitabel. In de muziek gebeurt dit al jaren, decenia, in de remix cultuur. Één van de mooiste voorbeelden vind ik Kutiman, waar ik al eens eerder over schreef.
Meisje, ergens in de USA upload in maart 2008 haar video waarin ze voor de camera een liedje zingt:
En Kutiman, aan de andere kant van de wereld, meer dan een jaar later, maakt er dit van:
Commercieel gezien zit hier voor alle organisaties het gat in de markt. Het komt er op neer dat je met de resultaten die behaalt in projecten, waarde (duurzame) creëert voor de netwerken die er baat bij hebben. We hebben het dan dus over het economisch benutten van sociaal kapitaal. Dit sociale kapitaal is bijna nooit zichtbaar, maar met het proces van valorisatie kan dit zichtbaar worden gemaakt. Waarom is dit belangrijk? Omdat sociaal kapitaal vertrouwen en aantrekkingskracht heeft en genereert. Het wordt namelijk gedragen door het netwerk, in plaats van het individu.
Zo laat Willie Smits zien hoe je met sociaal kapitaal een regenwoud op Borneo in verrassend tempo herstelt:
We zouden er op z’n minst verstandig aan doen als de resultaten van zijn project optimaal gevaloriseerd worden, zodat andere ondernemers en landen er mee aan de slag kunnen.
Voor organisaties is het businessmodel de basis van alle andere behoeftes. Dit staat los van hoe je met het businessmodel om gaat. Maar wat nou als het businessmodel niet duurzaam is, met andere woorden: het sluit niet meer aan bij de veranderende wereld? Of zelfs: Wat nou als ons businessmodel schadelijk is voor mens, dier en planeet? Hoe kan een organisatie duurzaam verder bouwen op het gat in de markt en daarbij gebruik maken van het sociale kapitaal?
Door de piramide van Maslow niet als statisch geheel te zien, maar als systeem, kunnen we de eigenschappen van het systeem aanpassen. Kunnen we groeien vanuit de top van de piramide, vanuit het succes dat door het netwerk wordt gedragen, vanuit de valorisatie in plaats van marketing? Op basis van onze eigen visie en missie?
Door als het ware “over the top” te gaan, is de top van de piramide (en daarmee bedoel ik niet de directie, maar het succes vanuit valorisatie) niet langer de top, maar het middelpunt van de behoeftes van de organisatie.
Dat resulteert in het volgende model:
Vanuit de valorisatie en de beweging die de organisatie maakt naar een duurzame ontstaan nieuwe behoeftes:
- Zelfontplooiing van de organisatie vanuit het gevaloriseerde succes.
- Waarde en erkenning vanuit de gebruiker / klant.
- Verbonden netwerk, een community.
- Producten en diensten, ontwikkeld met community.
- Nieuwe facliteiten / businessmodellen / ruilmiddelen.
Omdat niet alle activiteiten / projecten in één keer gevaloriseerd worden, maar begonnen wordt met de meest succesvolle, kan de organisatie in eigen tempo, samen met het netwerk en het gedeelde succes, de transitie maken naar een organisatie die in harmonie is met een continu veranderende wereld. Bovendien levert deze manier van ontwikkeling tegelijkertijd vertrouwen en aantrekkingskracht op.
Op zoek naar inspiratie voor valorisatie buiten de muziek- en kunstwereld? De Universiteiten zijn al langer bezig met valorisatie, zie bijvoorbeeld het Valorisatiecentrum van de TU Delft.











